Thursday, 25 September 2014

Bergen NH , broedplaats voor kunstenaars

Kranenburgh, regio-museum met allure

Column nr 335 dd. 25 september 2014

Na mijn afstuderen in 2007 gaf ik diverse lezingen en rondleidingen in musea. Met de toenmalige directeur was afgesproken dat ik ook in het toenmalige Kranenburgh rondleidingen mocht geven en dat was op Marktplaats  te lezen. Een van de vele vrijwilligsters-nagenoeg allemaal dames- mailde me dat het helemaal niet kon en dat zij uiterst verontwaardigd was, dat een indringer nu zomaar rondleidingen ging geven. Als oud VU student heb ik er meerdere malen lezingen bezocht van mijn oud- docent Peter van Dael, die boeiend over de Middeleeuwen kon vertellen. De zaal zat nagenoeg helemaal vol met dames. Dat is natuurlijk een goede zaak als je met zoveel vrijwilligers/sters de zaak overeind kunt houden en dat zal ook voor directeur Wierenga aangenaam zijn. Op de universiteit, waar ik studeerde, de VU, hadden de verantwoordelijke kunsthistorici niet zoveel op met Kranenburgh, dit in tegenstelling tot het andere regionale museum in Opmeer van Scheringa. Daar werkte professor Blotkamp samen met kunstenaars voor presentatie en was een werkcollege geregeld om een bestandscatalogus te maken. Mijn medestudente Hanneke Schless , nu van Schless- Art wist echter toch docenten te bewegen om een studie te maken van Charley Toorop's  Maaltijd der vrienden:,,maar hoe graag ik ook had willen afstuderen op het fenomeen, mij werd snel duidelijk, dat je dan een jaartje langer diende te studeren om alle ins en outs van deze beweging op papier te krijgen met het risico dat men na dat jaar zegt, dat het te weinig diepgang en wetenschappelijke waarde heeft. Inmiddels is er erg veel veranderd omdat het Kunstenaarscentrum en Kranenburgh zijn samengegaan en er een flinke nieuwbouw heeft plaatsgevonden en de tuin op zeer artistieke wijze is ingericht. Daar kan je heerlijk wandelen en genieten van die talloze gespannen draden die heen en weer wiebelen en die aan de uiteinden een wortelstam of een stuk hout hebben hangen. Artistiek en boeiend. Ons laatste bezoek betrof  de expositie van  Gertrud Lestikov . Qua schilderkunst is er dan alleen te genieten van het schilderij van Jan Slujters en dat maakte veel goed, omdat er een buitengewoon grote bewondering voor deze schilder is en zijn expositie in Singer Laren enige jaren geleden heb bezocht. Later is zijn schilderij van Portret van Greta van Cooten met zwarte hoed uit 1912, uitgeleend aan een Baltisch museum, verbrand. Gelukkig heb ik nog afbeeldingen van een affiche en een afbeelding in het boek van Jacqueline de Raad c.s.. Waar liggen nu de wezenlijke verschillen tussen de vergane glorie van Scheringa en het huidige Kranenburgh. Het Scheringa museum was ondanks zijn recente ontstaan, professioneler opgezet met Emily Ansenk, als bekwaam directeur en kunsthistorica. Er was geld voor exposities en bewaking, ook al faalde deze bij de roof van dat wereldberoemde schilderij van De blauwe jurk van Tamara de Lempicka :de Poolse schilderes . Al eerder in deze column heb ik mijn afschuw uitgesproken over die stickers die je als toegangsbewijs op je kleding dient te plakken. Eerlijk gezegd- hoop ik- dat dit gauw tot het verleden gaat behoren. Voelen die Bergense dames zich te belangrijk om kaartjes bij de ingang te controleren?? Nu zitten regenpijpen en ander buitenmeubilair vol met die plakkertjes. Ik kan me niet voorstellen dat de bezoekers die een aardige geste vinden. De expositie van  Gertrud Lestikov was degelijk en professioneel opgezet en bij de groeten uit Bergen met schilderijen van Arnout Colnot, Filarski, Charley Toorop, Leo Gestel, Falconnier,  Else Berg, was het aantal veel te weinig om echt een idee krijgen van waarop Bergen zich steeds beroemt : De Bergense School. Het is ook maar een naam die door de Alkmaarse journalist Klomp is bedacht, maar niettemin wel enorm veel impact heeft gekregen. Nog altijd dient er iemand op te staan, die de duiding van het fenomeen wetenschappelijk gaat onderbouwen om alle criticasters de mond te snoeren. Dat is een opdracht voor iemand met een enorme liefde voor zijn /haar dorp met veel kennis van de regionale schilderkunst en veel kennis van de schilderkunst in het algemeen. Een degelijke onderbouwde scriptie of een proefschrift zou aan alle twijfels een eind kunnen maken. Voor deze opdracht was mijn studie tekort en aan promoveren op dit thema is een lastige weg van een groot aantal jaren. De expositie 'Groeten uit Bergen "  smaakt naar meer en in mijn visie dien je dan wel alle zalen van het hernieuwde Kranenburgh tot je beschikking te hebben. Niettemin is het museum aan de Eeuwigelaan een lustoord en dat zullen velen met mij eens zijn, Een plek om terug te komen en eens op de manier dat je normaal toegang wordt verstrekt middels scan of knipkaart. Het sticker geplak doet mij persoonlijk buitengewoon denigrerend aan, terwijl het in de ogen van bedrijfsleiding en directie vermoedelijk alleen van de praktische kant is bekeken. Geniet, leef, wees creatief, wandel, fiets, bezoek musea en schouwburgen en luister naar mooie muziek. Lezingen, rondleidingen, kunstboeken, essays, columns j.j.jong@quicknet.nl
drs jjj artes admirans

Danseres van Jan Sluyters, in dit geval Gertrud Lestikov, op het lichaam heb ik die verfoeilijke sticker geplakt, ik ga toch niet met een sticker op in een volwassen museum lopen, het is geen speeltuin.
drs jjj artes admirans

Thursday, 18 September 2014

Stemmingskunst door gekleurd grijs

Gerard Bilders geschriften belangrijk voor het duiden van de 19e eeuw

Column nr 334 dd. 18 september 2014

Kunsthistorici, - je mag denken van deze mensen, wat je wilt- willen analyseren, onderzoeken, stromingen definiëren, groeperen en indelen. Waarom? Om te kunnen communiceren met elkaar en kritisch alle kunst te kunnen begrijpen en definiëren. Dat vergt veel kennis, inzicht, kritisch vermogen, verbaal talent en een goede pen om het op papier te zetten. Ook is het daarbij nog kunst om het leesbaar te houden, ook al ben je nog zo intelligent en weet je er alles van. Het hoeft geen romanvorm te zijn, maar sommige kunstcritici raken zo op drift in hun betoog dat je hen niet meer kunt volgen of vanwege hun dermate grote kennis van het onderwerp of door een te ingewikkelde betoogtrant dat je slechts flarden oppikt en soms moet vaststellen dat je het totaal niet begrepen hebt. In die zeven jaar VU is dat gelukkig maar een enkele keer gebeurd, maar taal en boeken zijn er nu eenmaal om met elkaar te communiceren, zonder dat je de lezer tot wanhoop brengt. Die kunstcritici. Je kunt er veel van leren en veel met hen oneens zijn. In mijn scriptie over Joodse kunst bij Jozef Israëls, wordt de grote criticus van de 19e eeuwse schilderkunst Jan Veth geciteerd op pagina 14 . In die passages gaat het over het beeldverbod in de Joodse religie en Jan Veth heeft aanwijzingen dat de verbeeldingskracht bij deze schilder veel groter is geweest dan dat Israëls feitelijk op zijn doek heeft kunnen weergeven. Dat is een interessant gegeven. Al even interessant is het betoog van deze criticus inzake Gerard Bilders . Het is een beetje een lang citaat, maar het verschaft u veel inzicht in die belangrijke negentiende eeuw voor de Nederlandse schilderkunst.
De vermaarde schilder-criticus Jan Veth ( 1864-1925) pleitbezorger van de Haagse School , wijdde in 1898 in een van zijn talrijke kunstbeschouwingen een lange passage aan Gerards  artistieke opvattingen. Hierbij ging Veth niet in op de literaire betekenis van Brieven en dagboeken, noch bracht hij Gerards persoonlijke worstelingen of Kneppelhouts mecenaat te berde. Bij zijn onderzoek naar de ontluikende Hollandse schilderkunst van omstreeks 1860 had hij bemerkt hoe zelden  de Haagse schilders over kunst aan het papier hadden toevertrouwd. Maar daar was  Gerard Bilders, die - men krijgt ook uit zijn werk dien indruk- een uitmuntend representant  van de nieuwe school zou zijn geworden, en die ons het voordeel biedt, dat hij zeer goed kon zeggen, wat hem bezighield. Het ligt voor de hand dat hij in dit verband Gerards thans genoegzaam  bekende uitspraken  over het sentiment van het grijze, en zijn schok van herkenning bij het zien van de Barbizon-schilders in Brussel aanhaalde. "Mij dunken deze uitlatingen van den met de broeiende jong-Hollandse kunstnoties van toen zeer vervulden 21 jarige  schilder buitengewoon opmerkelijk, vervolgde Veth.  Voor hij van die die nieuwe Franschen iets gezien had, wist hij al zeer duidelijk [ .....] naar welke kunst hij verlangde [.....] en wist hij er zich tevens direct rekenschap van te geven dat de goede Franschen eigenlijk slechts op de oude Hollanders waren doorgegaan. Vervolgens kon Veth aan de hand van Gerards uitlatingen  uitstekend een van zijn eigen stokpaardjes illustreren : de vernieuwende Haagse landschapschool was buiten kijf geworteld in de zeventiende-eeuwse Hollandse traditie, terwijl ook de vernieuwende Fransen zich daarbij deels op de oude Hollandse meester baseerden. Zo zijn Gerards ontboezemingen nog voor 1900 door een autoriteit als bewijsvoering aangewend bij een kunsthistorisch betoog. En volgens Veth boden de getuigenissen  zelfs een betrekkelijk volledigen kijk op de factoren van ontstaan onzer nieuwere kunst.'

Zo krijg je meer inzicht in de kunst van de negentiende eeuw en al jaren vanaf de periode van die scriptie verdiep je jezelf steeds meer in het tijdsbeeld en ontdek telkens weer kruisverbanden tussen Van Gogh, Jozef Israëls en nu weer Gerard Bilders. Alle drie schilders die goed konden schrijven en al is het bij van Gogh en Bilders in dagboekstijl, Jozef Israëls schreef een boek over Rembrandt en greep ook al terug naar die Gouden Eeuw. Je mag jezelf dan de vraag stellen : waren die toptalenten alsVan Gogh en Bilders nu eens vijftig geworden? Welke nieuwe ontwikkelingen hadden zij nog meer in gang kunnen zetten ?  Bilders werd maar zevenentwintig, Van Gogh maar zevenendertig
Geniet van onze prachtige nazomer, de natuur, de bloemen, de bomen, de wegtrekkende spreeuwen en de zwaluwen die zich voorbereiden op hun grote reis naar Afrika. Nog tijd voor te fietsen, zwemmen en zondags heerlijk langs de lijn te genieten van sportieve prestaties van sportende mensen. Kunstboeken, lezingen, rondleidingen, essays, adviezen inzake kunstwerken etc. j.j.jong@quicknet.nl
drs jjj, artes admirans  

Afbeelding :  Gerard Bilders Zomerweelde, 59.5 x 49.5 cm, olieverf op doek, particuliere collectie
Misschien kunt u het beeld zelf vergroten. Het is met recht stemmingskunst : een koe, een kalf, een rustende herder en op  de voorgrond een waterpoel met eenden. Ongetwijfeld uit de tijd dat Bilders in Oosterbeek werkte.









































































                

Thursday, 11 September 2014

Gerard Bilders, 1838-1865

Prominent lid van de Haagse School : Gekleurd Grijs

Column nr 333

Hier een fraai werk van Gerard Bilders : 1861 Een landschap met vee in de Betuwe bij een opkomende bui: ,Olieverf op doek 89 x 149 cm, particuliere collectie
Zullen we nog even in de museumwinkel kijken, was de vraag van mijn partner vorige week in het Kroller Muller museum te Otterloo. Beslist niet met de bedoeling om mijn collectie kunstboeken uit te breiden, temeer daar de meeste boeken over Vincent van Gogh en er voldoende literatuur over Seurat voorhanden is. Je kijkt wat en bewondert de talloze parafernalia die al die commerciële mensen hebben bedacht om de toeristen met een memo naar huis te kunnen laten gaan. Dan valt het oog op een kunstboek uitgegeven door Waanders Zwolle en denk vanwege het formaat meteen in termijn van 40 of 50 euro, zoals de gangbare prijs van deze boeken is. Even omdraaien en daar staat en bedrag van 12.50.  Ja, zegt de cassiere, een restant dat we aan het opruimen zijn. De titel Gekleurd grijs, auteur Wiepke Loos uitgegeven in 2009 . Brieven en boeken van Gerard Bilders en een biografie van Johannes Kneppelhout. Van mijn middelbare schooltijd weet ik nog dat deze naam voorkwam in de Camera Obscura van Nicolaas Beets, maar nimmer geweten dat het hier om een gefortuneerde man ging, die mecenas was van talloze aankomende kunstschilders, musici etc.  Gerard Bilders was een zoon van een kunstschilder, maar werd - ondanks zijn korte leven van 27 jaren- beroemder dan zijn vader. Wellicht meer talent en een betere opleiding dankzij de steun van mecenas Kneppelhout. De titel van het boek is feitelijk een contradictio in terminis -  een tegenspraak in zich, omdat grijs nu eenmaal niet gekleurd is. Voordat je dan de gehele biografie hebt doorgespit, ga je op zoek om die titel voor jezelf duidelijk te krijgen. Het door mij verworven boek van Mej, Marius, -mij zeer dierbaar-, had die passage inzake dat gekleurd grijs ook al ontdekt. Zij schreef in haar boek op  pagina 99 de volgende tekst "In 1860 schreef Bilders aan de heer Kneppelhout : ik zoek een toon, die wij gekleurd grijs noemen, dat is alle kleuren, hoe sterk ook, zoodanig tot een geheel gebracht, dat ze den indruk geven van een geurig, warm grijs [..........] Om het sentiment van het grijze zelfs in het krachtige groen te houden, is verbazend moeilijk en die het uitvindt is een gelukkige sterveling. 't Is mijn doel niet, eene koe te schilderen om de koe, noch een boom om den boom; het is om door het geheel een indruk teweeg te brengen, dien de natuur somtijds maakt" Tot zover mevrouw Marius, een boek met veel autoriteit als het gaat om de Haagse School. Als we dan de draad weer oppakken bij Wiepke Loos op pagina 111, dan wordt het Gekleurd Grijs verder verduidelijkt: "Toen Gerard in september 1860 in Brussel kennismaakte met de landschapskunst van Franse meesters als Gustave Courbet ( zie vorige columns over deze schilder) Jules Dupre en Constant Troyon, schreef hij, schilderijen gezien te hebben, waarvan hij nooit gedroomd had en er alles in te hebben gevonden dat zijn hart begeerde. In hun werk zag hij de overeenkomsten met dat van de schilders van de zeventiende-eeuwse Hollandse schilders.  - einde citaat-.  Concluderend: Gerard Bilders had na het zien van deze Franse schilders de koers bepaald in welke richting zijn stijl zich diende te ontwikkelen en dan werpt zich de vraag op: zou hij in staat geweest zijn, die stijl te ontwikkelen waarvan hij vond dat deze bij hem paste ?? Gerard Bilders vertoefde veel in Oosterbeek naar het voorbeeld van de schilders van Barbizon om in plein air te schilderen om zo realistisch mogelijk met de juist tonaliteit te schilderen. Geniet van dit werk, van de musea, maar ook van een mooi stuk muziek of musical, weer actief, fiets, wandel , doe aan mantelzorg en wees een prettig mens voor allen om u heen. Kunstboeken, lezingen, rondleidingen, essays, adviezen
drs jjj, artes admirans

Thursday, 4 September 2014

Kroller Muller en Seurat

Professionele expositie George Seurat ( 1859-1891)
Column nr 342 dd 5 september 2014

Het is altijd een feest om af te reizen naar de Hoge Veluwe om daar in dat prachtige museum van Mevrouw Kroller Muller rond te dolen en vervolgens in de unieke tuin verbonden met het museum te wandelen en te genieten van topkunst zoals bijvoorbeeld in het Aldo van Eyck paviljoen. Je krijgt meer dan waar voor je geld en ook al miste ik dan De Barmhartige  Samaritaan van Vincent van Gogh, dat werd ruimschoots gecompenseerd met de  expositie. Het zij gezegd, dat pointillisme met al die stippeltjes en  streepjes verf deden mij minder dan de forse verfstreek van Vincent van Gogh, welke je uit honderden schilderijen meteen herkent. Het is als met het handschrift en met je eigen manier van schrijven, uniek en niemand heeft een handschrift als jij. Het werken op tablet, pc ets. heeft in dat opzicht voor enorme vervlakking gezorgd als het gaat om het persoonlijke handschrift. In het auditorium kon je een documentaire van zijn werk en werkmethode bezoeken.  Duidelijk werd dat het werken met stippen en streepjes de schilder dwingt tot een grote mate van kennis van het kleurenspectrum. Dat had George Seurat zich eigen gemaakt en had daarvoor Delacroix als voorbeeld gekozen die zich ook daar behoorlijk in had verdiept. Met name kon je bij Seurat het effect van die kleuren en streepjes etc... onderscheiden als hij strandgezichten maakte in de avondschemering. Een lichte rode gloed was op het schilderij waar te nemen ten opzichte van het strand van Honfleur bij normaal daglicht. Veel van die kleurtechniek leerde hij van Charles Leblanc, een man die zich in die kleurenleer had verdiept.  Omdat het werk toch teveel verschilde van de grote impressionisten als Monet, Manet, Renoir, Degas, Cezanne en Gauguin, werd al snel de betiteling Neo-Impressionisten gebezigd.De expositie opent met een aantal tekeningen van George Seurat en dan zie je een boom en een man ( 1884) en dan zie je de contouren al vervagen. Seurat is dan al op zoek naar nieuwe werkmethode en de tekening van het meisje dat in het museum hing, had al helemaal geen scherpe lijnen meer. Er hing een schilderij uit 1888 getiteld Rotskunst Port en Bessin (Nat. Gallery Washington) waar hij de rotspartij links hoog laat aflopen naar het strand en de rechterzijde helemaal vult met de zee in eindeloze streepjes en stipjes. Om rotsen, zee en wolken zo te schilderen vergt heel veel techniek. Nu werd uit de documentaire wel duidelijk dat het aanbrengen van de stipjes en streepjes feitelijk de finishing touch is, omdat hij alle onderlagen in de goede kleur al heeft geschilderd, maar het bleek toch dat hij met die manier van werken toch heel bijzondere effecten qua licht en stemming kon bewerkstelligen.. Hoogtepunt van de expositie - buiten de goed gedocumenteerde levensloop en het Parijse leven eind negentiende eeuw- was zonder meer het grote werk (185.5 x 152.2 ) van Circus. ( zie afbeelding) Publiek, orkest, menner, dame op paard, al met al echt een plaatje en je ruikt bijna als het ware de geur van zo'n circus met al die dieren etc. Hoe lang hij aan dit schilderij zal hebben gewerkt?  Mij lijkt enige maanden en dan diende hij nog hard door te werken ook. De schilder is in het geheel niet oud geworden. 31 jaar en dan schaart hij zich in de rijen van Dick Ket, Van Gogh etc, allemaal dertigers, die na een periode van keihard werken er zomaar ineens tussenuit knijpen.
Vergeet U niet als U in Otterloo bent, de beeldentuin met een verzoek te vereren. Daar valt veel te genieten aan prachtige beelden en ook de troffel van Oldenburg, die nu buiten het park staat.
Geniet, leef, wees creatief, ga wandelen, fietsen met dit mooie weer en wees een prettig medemens voor je omgeving. Er wordt al genoeg gebakkeleid door machthebbers. Kunstboeken, lezingen, essays, taxaties etc, drs jjj,artes admirans

Tuesday, 26 August 2014

Gustave Courbet : realist pur sang

Atelier van de kunstenaar
Column nr 341 dd 27 augustus 2014
het atelier van Gustave Courbet,  musee d Órsay Parijs, 1855 afmeting 2.63 meter x 5.98 meter

De opbouw van dit schilderij is die van het middeleeuwse  triptiek. In het midden zit Courbet, die werkt aan een landschap. Achter hem een vrouwelijk naaktmodel. Haar naaktheid wordt gedeeltelijk verhuld door een groot wit kleed dat daar op de grond ligt. Aan de andere kant van de schilder - op deze foto wat moeilijker te zien omdat het precies in de vouw van het boek ligt- een jongen met een een hond. Het is wat Courbet betreft een verzet tegen de hiërarchische ordening van de beeldgenres. De schilder verkiest de landschapskunst en  het werkelijke leven boven de traditionele historieschilderkunst. Uit protest dat zijn werken niet in de Salon mochten hangen, had hij in  1855  een alternatieve salon opgericht met zijn werken, waaronder bovengenoemd werk.  Dat was de jury van de salon toch te bar en hij mocht elf schilderijen in de Salon hangen uitgezonderd dan het schilderij van de vorige column en het schilderij hierboven. Aan de linkerzijde van het schilderij laat hij het gewone volk figureren zoals een jager, een handelaar in eenvoudige kledij. Aan de rechterzijde de gegoede burgerij, de bourgeoisie, uitgedost met hoofddeksels, fraaie omslagdoeken en een figuur die zich in een boek verdiept, als symbool van een intellectueel. Als centrale figuur in het midden wil hij de verbindingsschakel zijn tussen deze twee maatschappijklassen. Hij wil die groepen samenbrengen. De uitbuiters en diegenen die uitgebuit worden. De kunstcriticus Werner Hoffmann is van mening dat Courbet zich bij dit werk heeft laten inspireren door de honderdguldenprent van Rembrandt. Op gelijkenis van de compositie zou je zoiets kunnen denken. Christus staat op die prent in het midden met aan zijn linkerzijde de Schriftgeleerden en Farizeeën en aan de rechterzijde het gewone volk. Het zou zomaar kunnen, maar het kan ook Courbet 's eigen kwaliteit als ontwerper kunnen zijn. Volgens Hofmann schildert Courbet een landschap om de natuur als echte altijd blijvende realiteit weer te geven. De natuur bindt, schept gemeenschap en zuivert de mens van zorgen.  Ook de vrouw, die achter Courbet als naakt poseert, is afgebeeld als natuurlijke maat van alle dingen en staat in een tijdloze verhouding tot de schilder evenals de jongen die bewonderend naar de schilder en zijn schilderij kijkt.  Het is onwaarschijnlijk - zo meent Hofmann- dat hij haar nog wil portretteren in het landschap. Zij staat daar te wachten tot Courbet de laatste hand aan het schilderij heeft verlegd om vervolgens aan het naaktmodel te gaan werken. Ook hier de natuurlijke maat van alle dingen en daar past de vrouw in als drager van het nieuwe leven. Meer een personificatie, zoals ook alle andere afgebeelde personen een stuk maatschappij vertegenwoordigen, anoniem en willekeurige figuren. De afmeting van het werk is van die grote historie en schuttersstukken. Is Courbet een keer in Amsterdam geweest en kende hij dergelijke grote werken.? Feit is dat de Franse schilder er op uit was om de harde realiteit te tonen en daartoe was hij met zijn schilderskwaliteiten uitstekend in staat. De schilderijen zijn door mij gezien al vele jaren terug bij bezoek aan het d' Órsay. Het was in de periode voor mijn studie kunstgeschiedenis. Met de huidige kennis is een bezoek aan het d' Órsay natuurlijk veel interessanter. Als u dus op de Parijse tour gaat, vergeet dan niet het museum te bezoeken en met de bovengenoemde kennis het schilderij in al zijn aspecten te bekijken. Als U dat heeft gedaan, wil ik graag uw commentaar wel horen. Geniet daarvan, leef, wees creatief, schrijf, teken, schilder, boetseer, sport of lees een goed boek en vergeet niet in beweging te blijven. wandelend of fietsend. Kunstboeken, lezingen, rondleidingen, adviezen etc.j.j.jong@quicknet.nl
drs jjj artes admirans

Thursday, 14 August 2014

Gustave Courbet, avant-gardist en realist

Begrafenis te Ornans (1849) Musee d Orsay te Parijs

Courbet, intrigerend en groot vakman

Column nr 340 dd 14 augustus 2014

Je bent dan gepensioneerd en denkt alle tijd voor je hobby's en je passie voor kunst volop tot bloei te kunnen laten komen, maar niets is minder waar. Altijd al veel tijd gestoken in vrijwilligerswerk voor de gemeenschap in deze dorpen, maar juist deze maand Augustus vallen markten en beurzen en open tuinendagen allemaal in een korte periode. Maar toch een klein gaatje gevonden om de traditie vanaf 2008-de wekelijkse column-met U te delen. Voor Gustave Courbet heb ik persoonlijk buitengewoon veel bewondering. Een man, die recht voor zijn raap was en voor zijn mening uitkwam. Een van zijn werken treft U hierboven. De begrafenis te Ornans uit 1848. Andere bekende werken van hem zijn De steenbrekers uit 1849, De dames van het dorp uit 1852, Het atelier van de schilder uit 1855, De forel uit 1872 en Het onstaan van de wereld  uit 1866.  Dat laatste schilderij baarde toentertijd echt wel opzien, omdat hij de vagina van een vrouw zeer realistisch schilderde. Dat was zeker revolutionair in die omdat hij toch in een traditionele katholieke gemeenschap leefde, waar dergelijk werk zeker geen gewoonte was. Even zijn personalia. Hij werd in 1819 in Ornans geboren en studeerde rechten in Parijs, veranderde al snel van studierichting en ging naar de Academie Suisse. Stond eerst onder invloed van de romantische schilders als Delacroix en Gericault, maar ontwikkelde zich later als DE schilder van het realisme. Hij stierf in ballingschap in La Tour de Peilz (Zwitserland)  als gevolg van zijn politieke opstelling  gedurende de Frans Duitse oorlog en was een van degenen die het standbeeld van Napoleon neerhaalde op het  place Vendome te Parijs. Hij had zich dus tegen de Franse politiek gekeerd, vluchtte naar Zwitserland om een tweede gevangenneming te voorkomen. Wat mij persoonlijk opvalt bij diverse grote schilders -   Monet, Jozef Israëls, Courbet, dat het fysiek kleine kerels zijn met brede schouders. Persoonlijk is mijn visie dan, dat alle dagen schilderen je fysiek behoorlijk belast en dat je derhalve over een stevig postuur dient te beschikken, maar dat zal niet altijd in alle gevallen opgaan, omdat mensen met een mindere constitutie eveneens fraai werk kunnen maken. Dat terzijde. Het schilderij hierboven is van groot formaat 3 meter 15 breed en 66.3 cm hoog.Het doet denken aan historie of schuttersstukken. Geen lieflijk landschap, maar veel donkere kleuren om de sfeer van de begrafenis en de ernst van het leven en God, als bron van alle waarheid te vertolken. Een dorpsbegrafenis, op het nieuwe kerkhof van Ornas met een pastoor, een burgemeester, een grafdelver, een misdienaar met een wijwatervat . De grafdelver ligt op zijn knieën bij het graf en past in de ambiance van een doods landschap met die grauwe lucht. Hij maakt ook duidelijk een verschil in de compositie van de bevolking. De pastoor, de burgemeester en her volk dat aanwezig is om de laatste eer aan de overledene, een verre verwant van Courbet,  te brengen. Opvallend is verder de witte hond en de hoofdtooi van de dames, welke een plaatselijke dracht is in deze streek in Oost Frankrijk in de buurt van Besancon. De pastoor draagt een zwarte koormantel met een kap. Aan de onderkant zie versiersel van goud brokaat.. De heren met de rode hoeden zouden een interpretatie zijn van het ter grave dragen van de republiek, die door de Jakobijnen in stand werd gehouden. Het zou zomaar kunnen, als je de geschiedenis goed hebt bestudeerd. Natuurlijk vonden velen dat zo'n abominabel groot werk niets was, het overdreven vonden, maar die mensen kregen ongelijk, omdat het werk, net als zijn Salon, een nog groter werk, een prominente plek verwierven in het fraai d'Orsay museum. Zoals wellicht u bekend, een voormalig spoorwegstation.. Geniet van de kunst, van tuinen en van uw eigen creaties. Wees een prettig medemens en laat u vooral niet verontrusten door die onrust in het Oosten. We moeten met zijn allen onze vrijheid koesteren. Als u tijd heeft, kom dit weekend onze open tuin bewonderen met kunst van mijn echtgenote. U vindt onze stek beslist. Kunstboeken, lezingen, essays, columns, rondleidingen j.j.jong@quicknet.nl
drs jjj artes admirans.

Thursday, 7 August 2014

Rivierlandschap met ruiters van Albert Cuyp

Een schilderij dat een plaats in de Eregalerij van het Rijks waardig is

Columnr 329 dd 7 augustus 2014
Wanneer Erwin Krol en Philips Freriks binnenkort de wolkenluchten van de landschappen in het Rijks gaan analyseren, is deze column voor hen een ondersteuning. Destijds ging dit landschap op zaal 216 en het was een der eerste schilderijen welke tijdens mijn studie onderwerp was van een nadere analyse. De stoffage van het schilderij van Albert Cuyp is boeiend en er werden enige A4jes aan gewijd om meer van dit schilderij uit 1655 te weten te komen. Citaat uit het referaat:  "Het laat een weids landschap zien en het grootste gedeelte wordt in beslag genomen door lucht met wolkenpartijen. Het zonlicht komt van links en beroert lichtjes de wolkenpartijen, waardoor deze witte randen krijgen. Dat zonlicht is verder te zien op de schimmel van de ruiter. Verder zijn er slagschaduwen van paarden en ruiters, de herdersjongen en het rood-en zwart bonte vee. { .... het gelige licht en de vage kleuren van de bomen in de verte in de schemering doet denken aan de namiddag, terwijl daarentegen het felle zonlicht van de wolkenranden meer duiden op een eerder tijdstip in de middag.}  Ik ben in het geheel geen meteoroloog, maar schreef dat neer nadat ik ruim drie kwartier daar op zaal 216 het schilderij in mij opnam. De docenten waren ons aan het trainen om schilderijen te analyseren. Dat landschap was een logische keus omdat mensen van het platteland altijd naar het weer kijken en zeker de agrariërs die van het weer afhankelijk zijn als het gaat om planten en oogsten. Over de locatie het volgende : De hoge heuvels rechts zijn die van de Wylerberg en voorbij de kerktoren van het dorp Wyler
 zijn de heuvels te zien van het massief waarop Kleef licht. De situering derhalve achter Nijmegen.[.........] Het ging Cuyp echter om het contrast tussen heuvels en laagland, om de stemming van een warme zomerdag ( avond) en het pauze-moment van de reizigers die de paarden lieten drinken in het Wylermeer. Ook dat is een onderdeel van de analyse van het schilderij. Verder werd een vergelijking gemaakt met een schilderij van A. Cuyp dat in de National Gallery in Londen hangt onder de titel  Rivierlandschap met ruiter en vee. Daar zijn tal van overeenkomsten en verschillen aan te geven, maar feit is dat schilders in die tijd van geliefde onderwerpen meerdere exemplaren maakten met telkens nieuwe aangebrachte kleine nuances. Tot slot nog een beschrijving die je vindt in het tentoonstellingscatalogus Glorie van de gouden eeuw, onder nr 151.
"Een zonovergoten dampig rivierlandschap wordt omzoomd door steile heuvels. Een ruiter laat zijn paard drinken, terwijl een herder met wat vee toekijkt. De zon staat laag en veroorzaakt lange schaduwen op het land. Door de gouden gloed van het zonlicht ontstaat een warme atmosfeer Dat typische zuidelijk licht kan Cuyp alleen gezien hebben in het werk van de Italianisanten ( Jan Both en Herman Saftleven.
Genoeg meteorologie dus. Zo zie je maar dat een schilderij ons veel kan leren van die tijd , van gewoonten en omstandigheden. Geniet, leef, zoek de eregalerij en dit prachtige schilderij op en check alles even wat hierboven staat beschreven. Kunstboeken, lezingen, rondleidingen, essays, j.j.jong@quicknet.nl
drs jjj artes admirans